Zomaar …
Peter
… the story of a family on the move
Zomaar …
Peter
Er is deze week weer heel wat gebeurd in het wereldje van de muziek. En dat heb ik het niet over de eliminatie van Joshua Ledet in “American Idol”, maar wel over Donna Summer en Chuck Brown. Beiden zijn deze week gestorven. Donna Summer was in mijn tienerjaren allerminst mijn popidool, wel integendeel, want in die tijd was disco beluisteren taboe en vooral onbespreekbaar (wou je jezelf de hoon en toorn van je vrienden besparen).
Nu, zoveel jaren later, luister ik met plezier en met een zekere mildheid naar de vroegere hits van Donna Summer. Bekijk in de onderstaande videoclip vooral de kledij van het achtergrondkoor. Die dames lijken wel weggeplukt uit het eerste het beste warenhuis met het verzoek iets te doen op de achtergrond van een bekende zangeresje.
Het moet nu alweer van 2003 geleden zijn dat ik plots tussen mijn digitale muziekcollectie het album “The Soul Sessions” van Joss Stone ontdekte en bij mezelf dacht: “waar heeft Astrid die schitterende muziek uit de jaren 70 gevonden?” Wist ik veel dat dit het debuutalbum van een nieuwe zangeres was. Thans zijn er weer twee nieuwe albums op de markt met een duidelijke knipoog naar vroeger.
Added:
“Home Again” van Michael Kiwanuka is zo’n plaat met een uitgesproken retrosfeer. Laat dit debuut aan een leek horen, en die zweert op het hoofd van zijn schoonouders dat het om een oude soulplaat uit de vroege jaren zeventig gaat. De liedjes doen bij momenten denken aan Otis Redding, Bill Withers en de Temptations. Beluister maar eens “Tell Me A Tale”. Het is alvast een juweel van een song om de plaat mee te openen. Kiwanuka klinkt er aanzienlijk volwassener uit dan zijn leeftijd doet vermoeden – hij is pas 24 – en het jazzy nummer is stijlvol ingekleurd met viool, sax, Rhodes-piano en, jawel, panfluit. Helaas wordt de plaat minder naar het einde toe. We zijn dan ook vooral benieuwd naar zijn opvolger want deze jonge Oegandees – zijn ouders ontvluchtten het regime van Idi Amin – heeft een grote toekomst voor zich.
Een goed pak friet behoeft geen mayonaise, net zoals goede wijn het zonder krans kan stellen, en Astrid het zonder begeleiding kan doen. Kijk en luister maar even mee.
Peter
Ik word oud. Correctie! Ik word ouder. Vroeger zou ik maanden op voorhand geweten hebben dat er een nieuw album van mijn favoriete zanger zat aan te komen. Nu heb ik slechts per toeval de “release” ontdekt – weliswaar enkele weken na verschijning – van een nieuwe CD waarop Mick Jagger meezingt.
Super Heavy is een rocksupergroep die bestaat uit Mick Jagger, Joss Stone, Dave Stewart, Damian Marley en A. R. Rahman. De muzikale stijl van de band varieert sterk, van reggae tot ballads tot Indiase muziek.
In deze tijden van verwarring is het prettig om te horen dat de samenwerking tussen artiesten uit verschillende culturen kan leiden tot een product dat superieur is aan het talent van elke individuele muzikant. En ook al is de boodschap bijwijlen licht, de betekenis van een dergelijke samenwerking zou zwaar moeten zijn. SuperZwaar zelfs! Geniet ze…
Peter
Weer al iets dat ik van mijn “bucket list” kan schrappen. Heb je er ooit aan gedacht het Parthenon op de Acropolis te aanschouwen? Geen nood! In Nashville Tennessee staat een replica op ware grootte. En niet zo’n tot tempel verheven armoedige stapel stenen die de verbeelding van een Gestalt psycholoog noodzaakt om er een florissant geheel van te maken, maar wel een keurig uit beton opgetrokken bouwwerk dat netjes geschilderd, en vrij van toeristenzwermen, gratis in een wijds stadspark staat te pronken voor elke kunstminnende toerist die van de oudheid op een frisse manier houdt.
Het feest ter herdenking van de Amerikaanse onafhankelijkheid is gepasseerd en we hebben er een stel leuke foto’s van de parade op Constitution Avenue aan over gehouden, maar toch zal ik 4 juli 2011 vooral
blijven herinneren als de dag waarop ik voor het eerst kennismaakte met de muziek van Swamp Dogg.
Swamp Dogg, thans 69 jaar oud, is een zanger uit Virginia die al meer dan 50 jaar aan de weg timmert, maar nooit het grote succes heeft gekend. Hij omschrijft zichzelf als “the most succesful failure of all times”. Hij heeft alle dingen gedaan zoals de grote artiesten maar nooit het rijk van de sterren vervoegd. Toch heeft hij één klein succesje geboekt: de platenhoes van zijn album “Rat On” uit 1971 werd verkozen tot één van de lelijkste albumhoezen allertijden. Succes schuilt soms in een beetje lelijkheid.
Het Lisner Auditorium behoort tot de George Washington Universiteit. Het is een plaats waar we graag komen aangezien er vaak muziek, dans en andere culturele evenementen worden geprogrammeerd die bij onze smaak aansluiten. Donderdag jongsleden stond daar Acoustic Africa met Oliver Mtukudzi, Habib Koité en Afel Bocoum op de affiche. Het werd een spectaculaire show met focus op de rijkdom van de Afrikaanse gitaartraditie.
Ze bestaan dus nog echt: van die jazzclubs met de “look and feel” van de jaren twintig. De Blues Alley heeft een ietwat misleidende naam want er wordt hoofdzakelijk jazz gespeeld. Het ligt in een steegje – in het hart van Georgetown – dat aansluit op Wisconsin Avenue, iets voorbij M Street. Binnenin is het groezelig gezellig met tafeltjes gecentreerd rond een laag podium die makkelijk interactie tussen artiesten en publiek mogelijk maakt. Het is een club die reeds vele bekende namen op de affiche heeft gehad. Dizzy Gillespie, Sarah Vaughan, Nancy Wilson, Grover Washington Jr., Ramsey Lewis, Charlie Byrd, Maynard Ferguson en Eva Cassidy hebben er allen in een intieme setting opgetreden.
Er is deze week heel wat gebeurd in de wereld van de muziek.
James Moody is overleden op 8 december. Hij was 85 jaar oud. Hij werd in 1949 bekend met het lied “I’m in the Mood for Love” (tja, wie niet?).
James Moody was een begaafd saxofonist, maar ook een goed zanger. Toch maakte hij zich zorgen om zijn spraak omdat hij lispelde als gevolg van een partiële doofheid. Hij kom geen “S”-klanken horen, waardoor “Give me a smile” klonk als “Give me a mile”.
Ik moet bekennen dat ik nog nooit van James Moody gehoord had, maar toen mijn eega spontaan “Moody’s Mood for Love” begon te zingen, was ik dan ook niet weinig verbaasd (vergetende dat ik met een levende jukebox ben getrouwd).