Viola organista

Moregem: Sint-PietersstoelWat een sensatie! Ik zit hier in het pittoreske Sint-Pietersstoelkerkje van Moregem, voor de gelegenheid omgetoverd tot een kleine concerthal. Sławomir Zubrzycki speelt op zijn viola organista. Dit instrument klinkt als een viola da gamba, maar ziet eruit als een klavecimbel.

De viola organista werd ontworpen door Leonardo Da Vinci. Door de eeuwen heen waagden verschillende instrumentenbouwers zich aan een eigen versie, maar meestal belandde het even snel weer in de vergetelheid. Geen enkel van die instrumenten werd bewaard. Met alleen maar de plannen van Leonardo Da Vinci en overgebleven partituren, bouwde de Poolse pianist, componist en instrumentenbouwer Sławomir Zubrzycki zijn eigen exemplaar.

Continue reading “Viola organista”

Lake Street Dive

Heb je dat ook wel eens dat je een nummertje wel honderdmaal beluistert en je er schijnbaar geen genoeg van krijgt? “Rich Girl” van “Lake Street Dive” (LSD?) pleziert me tijdens mijn dagelijkse pendel, in bed, tijdens de pauze op het werk en in de rij bij de bakker. Het is een cover van “Hall & Oates” uit 1977, maar klinkt bijzonder fris en hedendaags.

Het is de vreemde mix van de sfeer van het repetitiekot, de verzorgde beelden, het professionalisme van de bandleden, en de kracht van de zang die “Rich Girl” bijzonder aantrekkelijk maakt en het bloed voorwaarts stuwt. Op sommige momenten overstijgt de zangeres zichzelf: een pauw die haar schittertende tooi laat zien! Een pareltje, en ik hoop dat jij er even intens kan van genieten.

Continue reading “Lake Street Dive”

Zomerliteratuur

Michel Faber - The Crimson Petal and the WhiteAmai, met “The Crimson Petal and the White” van Michel Faber heb ik intussen een haat-liefde-verhouding: niet slecht genoeg om aan de kant te schuiven, maar ook niet goed genoeg om er fors in door te lezen. Het is het verhaal van twee sterk contrasterende vrouwen  in Victoriaans Engeland. Agnes brengt haar dagen door in ledigheid en kijkt vooral uit naar het “seizoen” in de hoofdstad: die tijd van het jaar waarin de bourgeoisie zich vermaakt met theater, toneel en private “high society events”. Sugar daarentegen is een intelligente hoer die de maîtresse wordt van Agnes’ man: een ietwat protserige parfumfabrikant.

Continue reading “Zomerliteratuur”

Bezette stad

De dichtbundel Bezette Stad van Paul Van Ostaijen is opnieuw heruitgebracht: het is een herdruk op oorspronkelijk formaat met behoud van de ‘ritmiese typografie’. Natuurlijk heb ik het gekocht, want het werk van Paul van Ostaijen staat voor non-conformisme, iets wat me zeer aansprak tijdens mijn secundair bestaan vol met opgelegde regeltjes, verplichte taken en overbodig huiswerk. Boem, paukenslag, dat was tenminste nog iets revolutionairs. Het doorbrak het carcans van een voorgespiegeld en na te streven monotoon bestaan.

Wat ik evenwel niet wist, is dat Paul van Ostaijen ook zijn donkere kantjes had: collaborateur, coke-snuivend en teruggetrokken in een veilig Berlijn na de wapenstilstand. De aantrekkingskracht van de auteur op de jeugd was waarschijnlijk dusdanig dat het onderwijs liever bepaalde elementen uit zijn leven wegfilterde. Zijn poëzie was al tegendraads genoeg. Luister maar even mee. Hoogst interessant!

Continue reading “Bezette stad”

Voetje voor voetje

Ik weet het zeker. Paul van Ostaijen zou dit gedicht over een Surinaamse wandelvereniging voor dikke dames geapprecieerd hebben. Kijk maar naar de “ritmiese typografie”. Enkele verduidelijkingen kunnen dit illustreren:

    1. het woord “eenzame” bijvoorbeeld staat niet op dezelfde regelhoogte, om te benadrukken dat de wandelingen misschien wel in groep gebeuren, maar het afzien door de inspanning een hoogstpersoonlijke beleving is die moeilijk kan gedeeld worden;
    2. bij “koekje en zoetje/voetje na voetje” doet het lettertype denken aan het klaroengeschal van de schildwacht bij naderend onheil;
    3. en “boete voor toetje/voetje voor voetje” is in de vorm van een smakkende mond die schuldig menig dessert verorbert.

Continue reading “Voetje voor voetje”