Iemand is pas helemaal dood, als niemand nog aan iemand denkt. Zolang iemand nog in de gedachten rondzweeft, leeft iemand nog verder, zij het in de geestelijke wereld.
Van mijn vader heb ik het geluk om zijn stem op bejaarde leeftijd te hebben vastgelegd. Zijn stem vertoeft nu ergens hoger op. Hij spreekt tot ons vanuit “the cloud”. Zijn gedichten zijn als het ware voor altijd, opgesplitst in bits en bytes, klaar om met een druk op de knop, af te dalen tot in jouw huiskamer.
En dan nu de puzzel! Mijn vader’s gedichten zijn doordrongen van een zeker conservatisme, surrealisme, weemoed, ootmoed of bezorgdheid. Kan jij het juiste substantief bij het corresponderende gedicht plaatsen? Ik ben benieuwd.
Hoge buildings
Brede ramen,
Laag plafond.
Kleine hokjes,
Kleine mensjes,
Als konijntjes,
Piepen rechts,
Piepen links,
Onder, boven,
En nog hoger.
Flatneurose…
Hoge buildings,
Brede ramen,
Laag plafond.
Veel kantoortjes,
Een voor zaken
Van een firma.
Een als centrum
Van bestuur,
Een voor ‘t spoor.
En een Sabena.
Stadsneurose…
Brede banen
Van beton,
Nu eens onder
Dan weer boven
D’oude straten,
Brengen jachtig
De neuroten
Uit hun hokjes
In hun wagens
Naar de kust.
Auto-dozen…
Maar de bazen
Van de firma’s
Die bij ‘t bouwen
Geld opstrijken
Wonen niet
In zulke hokjes,
Spelen tennis,
Zwemmen heerlijk,
In de tuinen
Van hun villa’s
Geuren rozen!
Die ned’rig zijn
Van Hart,
In ‘t dragen pijn
En smart,
Die zijn zo lief
Den heer,
Als drukken grief
En zeer;
Die moedig toog
Ten strijd
Met domme hoog-
moed, nijd,
Als blanke bloem
Voor God
Bloeit hoog na roem-
loos lot.
Over de weide hangt de mist.
Waterdroppen beladen gras en riet.
De grond is zompig. Men ziet
Geen zon. Nakende winter is ‘t
De paarden trappen in het gras
De damp stijgt van hun lijven op
Of zij staren met gebogen kop
Roerloos naar ‘t omringende gewas
D’oude kruinen kronkelen omhoog
In zwart of grijs op wazig bleke lucht
Geen wind, niet eens een zucht
Beroert de bladeren in rottend loog
Het water schuurt de volle grachten
Een rat verspringt. Ginds verder daalt
een stille reiger neer en haalt
Zijn vlerken in, gereed tot ‘t lange wachten
De wilgen aan de waterkant
Zwaaien vervaarlijk met dreigende takken
Gespreid in hun krachtige hand
‘t Deert hen niet ze af te hakken.
Telken jare houden zij stand
Kamiel Van Acker (1976)
Peter
3 thoughts on “In memorian”
Ja hoor ons vader was een held op vele gebieden.
Ik denk met allerlei gevoelens aan hem terug…maar vooral met liefdevolle. Stel het wel lieve vake en hopelijk tot ooit nog eens.
Liefs Bea.
Fantastisch Peter dat je deze gedichten hebt opgenomen.
Het ontroerde me en inderdaad het is doordrongen van conservatisme.
Willem.
Ik wist niet dat onze nonkel Gerard naast al die geschiedenis ! ook nog gedichten schreef. Onze vaders hadden dus nog meer in petto dan hun gezamelijke historie. We zullen het nooit weten…
Ja hoor ons vader was een held op vele gebieden.
Ik denk met allerlei gevoelens aan hem terug…maar vooral met liefdevolle. Stel het wel lieve vake en hopelijk tot ooit nog eens.
Liefs Bea.
Fantastisch Peter dat je deze gedichten hebt opgenomen.
Het ontroerde me en inderdaad het is doordrongen van conservatisme.
Willem.
Ik wist niet dat onze nonkel Gerard naast al die geschiedenis ! ook nog gedichten schreef. Onze vaders hadden dus nog meer in petto dan hun gezamelijke historie. We zullen het nooit weten…