Hier stond hij dan, mijn goede vriend Piet, in een volledige “Tom Boonen”-uitrusting: fietshelm, Flandria-shirt, strakke koersbroek met ingebouwde bescherming voor de edele delen en vastklikbare schoentjes. Was ik maar nooit ingegaan op zijn uitnodiging tot fietstochtje in de buurt van het Gentse, schoot het door mijn hoofd, temeer daar ik niet alleen in vrijetijdskledij was, maar ook omdat mijn klassieke versnellingloze stadsfiets nogal verbleekte naast zijn 55-tandwiel-tellende-volautomatische- koersmachine.
Ethiopië
Ethiopië is een arm land. Dat blijkt uit de cijfers. In 2006 bedroeg het inkomen per hoofd 170 dollar. Dat is iets minder dan een halve dollar per dag voor elke inwoner. Vergelijk dat met de 105 dollar die elke Belg gemiddeld per dag verdiende in 2006, en dan kan je je al een goed beeld vormen over de graad van armoede in Ethiopië. Maar cijfers hebben iets koud en kunnen gemakkelijk terzijde geschoven worden.
Eva
Dat Eva, mijn nicht, mooi kon schilderen wist ik al lang, maar van haar woordkunst had ik geen flauw idee. Hieronder een videofragment waarin Eva voordraagt uit eigen werk en waarmee ze meedingt naar een prijs van de provincie Antwerpen voor jonge schrijvers.
David
Op de parking van het Sheraton hotel stapte een Oegandese man naar me toe. “Herken je me nog?”, vroeg hij. En nog voor ik zijn gezicht uit mijn hersenpan kon opdelven, voegde hij er aan toe : “Het is David, jouw taxichauffeur van toen je hier net was aangekomen”. Hij wees op mijn wagen en zei : “toen had je die nog niet!”
Ik lachte wat schaapachtig en sprak hem enigszins bedachtzaam toe : “Ah, David? Herken ik je? Natuurlijk David! Jij was mijn taxichauffeur.” Ik herkende de man slechts vaag maar kon moeilijk iets verkeerd doen door slechts te herhalen wat hij mij mededeelde.
“Jij bent me nog 5000 Oegandese Shilling verschuldigd,” sprak hij, en omdat hij terstond de twijfel op mijn gezicht zag, vervolgde hij, “het was mijn laatste rit naar jouw huis in Kololo.” Aangezien de wijk waar ik woon inderdaad zo heet, begon ik de man langzaam te geloven. En omdat ik al een beetje moe werd van het oponthoud, haalde ik mijn portefeuille boven en betaalde hem het verschuldigde bedrag.
Liverpool FC
Liverpool, da’s ploegen op de mat
da’s ploeteren voor de lat, met
een kruipende Crouch, een kelende Kewell,
een kuierende Kuyt en een tobberende Torres
Liverpool, da’s harken voor de paal,
da’s wieden met een omhaal, door
een babbelende Babel, een bibberende Benitez
een bedelende Benayoun, en een alleenstaande Alonso
Liverpool, da’s vooral veel praats
over een team op de vijfde plaats!
a Man U fan
UB40
UB40 was in Kampala op zaterdag 23 januari 2008. Er waren wel meerdere redenen te bedenken om dit concert niet te missen. Zo houdt de zanger Ali Campbell er na bijna 30 jaar mee op, en zou het concert in Kampala ongetwijfeld een van de laatse worden. Maar de belangrijkste reden was wel dat we dit samen met vrienden (overgekomen uit Vietnam) zouden meemaken voor wie dit tevens het allereerste popconcert zou zijn. De sfeer, de ambiance en het gratis bier deden de rest.
Peter
Suriname
“Ik mis een stukje SU”. Zo staat het letterlijk in één van de “comments” op deze BLOG. Onmiskenbaar de woorden van een Surinamer. En weet je wat, ook ik mis een stukje SU. Het probleem is echter dat mijn verblijf dateert van de tijd van het luchtpost briefpapier, het faxapparaat en de klassieke filmrolletjes. Het moge duidelijk zijn dat ik dus over weinig digitaal materiaal beschik uit die periode.
Bovendien waren toentertijd de computers nog uitgerust met harde schijven van beperkte opslagcapaciteit (30 MB!), waardoor veel data werd uitgewist, gewoon om plaats te maken voor nieuwe informatie. Zo ging dat er toen aan toe.
Chimp tracking
Hier sta ik dan in “Kibale Forest” met mijn Olympus E500 reflex camera in de aanslag. Een tijdje terug hadden we beslist onze kleine digitale camera aan te vullen met een reflex camera. De zoomlenzen van het nieuwe toestel zouden ons toelaten de Afrikaanse dierenpracht beter en scherper vast te leggen. Althans, dat was de redenering.
intussen… SPORT
Voetbalfans in Engelstalig Afrika supporteren doorgaans voor een team van de “Premier League”. Dat komt door de eenzijdige focus op het Engelse voetbal van de – tot voor kort enige – satelliet zender DSTV op het donkere continent. Ik ben dan ook een fan van Manchester United sinds mijn verblijf in Zimbabwe van begin 1997 tot eind 2000.
De meest memorabele match van Manchester United is ongetwijfeld die tegen Bayern Munich in de finale van de Champions League in 1999. De Duitsers waren reeds op voorsprong gekomen in de 5de minuut via een goal van Basler. En toen was het voor elke Man U fan 85 minuten nagelbijten tot de verlossende gelijkmaker in de 90ste minuut door invaller Sheringham. Maar voetbalgeschiedenis werd pas geschreven door de eveneens ingevallen Solskjaer die in de 92ste minuut nogmaals scoorde en zo de “European Cup” voor Man U binnenhaalde. De ontlading bij mij was enorm. Dit gevoel was natuurlijk geënt op een onverhoopt resultaat omdat ik reeds in stilte had aangenomen dat de “moffen” er met de beker zouden van door gaan.
intussen… MUZIEK
Vinum et musica laetificant cor! Wijn en muziek verzachten het gemoed. Van muziek ben ik daar zeker van, van wijn minder. Muziek, en dan zeker lokale muziek, maakt het wonen op een ander continent draaglijker. In Suriname luisterde ik vaak naar “Wan Bosi” van “Yakki Famirie”. Behalve de titel, die een kus betekent, snapte ik er geen jota van, maar ik neuriede lustig mee al was het maar om aan te tonen dat ik volkomen vertrouwd was met de plaatselijke cultuur.
In Zimbabwe was “Todi” van “Oliver Mtukudzi” mijn absolute favoriet, ook al omdat mijn wederhelft Astrid er lustig “toli” van maakte, wat in het Surinaams “penis” betekent, en zo een wel heel speciale inhoud aan het lied gaf.